Geschiedenis

Geschiedenis van het karate

De vroegste herkomst van karate zoals vandaag de dag bekend is niet geheel duidelijk, wegens gebrek aan documentatie. Het traditionele idee, dat door de meeste autoriteiten wordt onderschreven, geeft aan dat India het land van herkomst is. Een Buddhistische priester, in het Chinees “Daruma” genaamd, maar beter bekend als Bhodidarma, wenste zijn buddhistische zienswijze “Zen” uit te dragen naar de Chinezen. Reizende priesters waren veelal in staat tot vechten omdat zij tijdens hun reizen vaak in gevaar kwamen door zowel wilde dieren als door mensen. De priesters was het echter verboden wapens te dragen dus zij gingen zich bekwamen in allerlei vormen van verdediging, soms zelfs met gebruikmaking van technieken die zij hadden gezien bij gevechten tussen verschillende soorten dieren. Vormen van Chinese krijgskunst zijn sinds 3000 voor Christus opgetekend. Bhodidarma wordt algemeen beschouwd als de “uitvinder” van Chinees Kempo, hoofdzakelijk omdat hij de meditatietechnieken uit Yoga en Zen toevoegde aan de krijgskunst, waardoor het een completer systeem is geworden.
Zen is onlosmakelijk verbonden met Karate -het woord karate komt van de woorden “leeg” en “hand”. (kara = leeg en te = hand)- en elke meester in het karate zoekt een verlichte ervaring door het bestuderen van Zen. Alle belangrijke ontwikkelingen in Shorin Kempo zijn door de jaren heen door verschillende priesters toegevoegd. Eén van hen, Chiao Yuan gebruikte technieken na bestudering van de vechtmethodes van 5 dieren, nl. de Tijger, het Luipaard, de Slang, de Kraanvogel en de mythische Draak. Vanuit China heeft Kempo zich verspreid naar het noorden (Mongolië), naar het oosten (Korea) en naar het zuidoosten, naar Okinawa. Uiteindelijk bereikte het Japan, waar het bijzonder populair werd na het Kamakura tijdperk (ongeveer 1200 A.D.).
In het bijzonder de krijgsklasse (Samurai) verwelkomde zowel de krijgsvormen als de Zen filosofie. De moraliteit en mystiek van het Zen buddhisme sprak tot hun verantwoordelijkheidsgevoel, maar de werkelijke aantrekkingskracht was, dat het hen voorzag van een discipline die hen in staat stelde tot een enorm uithoudingsvermogen en kunde in het vechten, omdat het hen speciale psychologische kennis verschafte en inzicht in zowel henzelf als in de tegenstander. Gedurende verschillende tijden in de geschiedenis hebben de autoriteiten het gebruik van wapens verboden. Om zich te beschermen ging men zich steeds meer bekwamen in het ongewapend gevecht. Bepaalde soorten vechters (ninja’s) die ingehuurd werden voor “speciale opdrachten” gebruikten echter allerlei soorten wapens.

Karate en Kyokushin karate

Karate
Pas in 1901 werd karate zoals wij het nu kennen, openlijk gedoceerd in Okinawa. In 1916 kwam Gichin Funakoshi van Okinawa naar Tokyo om het moderne systeem van het karate in Japan uiteen te zetten. Een aantal van zijn leerlingen ging later zijn eigen weg en startten ieder voor zich een aparte karatestijl, waarbij de nadruk op een bepaald facet of andere benaderingswijze werd gelegd. Zo ontstonden onder meer: shotokan, wadokai, wadoryu en kyokushin karate.

Kyokushin Karate
Eén van die leerlingen was de koreaan Masutatsu Oyama (1923) die van mening was dat de vormen van Funakoshi en enkele van zijn mede-leerlingen, veel te “soft” was. Hij beoefende Chinese Kempo op z'n 9e jaar. Toen hij 12 was vertrok hij naar Japan en startte met het beoefenen van het judo. Hij werd daarna een leerling van Gichin Funokoshi en hij boekte zo'n snelle vooruitgang dat hij op z'n zeventiende 2e Dan en op z'n vierentwintigste 4e Dan werd. Oyama stelde als zijn levensdoel het verspreiden van de kennis van Karate. Hij bracht een jaar door in afzondering van de maatschappij, in tempels en in de bergen, zichzelf onderwerpend aan de fysieke hardheid van krijgskunst. In 1951 startte hij zijn eigen school en organisatie (Kyokushin Honbu) in Tokio.

Kyokushin Karate in Nederland
In 1961 werd kyokushin door Jon Bluming in Nederland geïntroduceerd. Bluming richtte de Nederlandse Karate Associatie op. In 1980 ontstond er een splitsing toen Oyama Loek Hollander aanwees als vertegenwoordiger in Nederland. Loek Hollander heeft met andere leraren in Europa de Internationale Kyokushin Organisatie (IKO) groot gemaakt. Bluming ging verder met de Kyokushin Budo Kai. Na het overlijden van Oyama in 1994 kwam er ook wereldwijd een splitsing na een discussie over de opvolging. Ook in Nederland splitsten de Nederlandse Karate Associatie van Loek Hollander en de International Budo Kai van Jon Bluming zich verder op in diverse organisaties.

Kyokushin Zeeland
Jan de Jong startte in 1978 met trainen bij Sportschool Josef Tol in Zierikzee toen hij daar bij de Rijkspolitie zat. In 1985 werd Kyokushin Zeeland opgericht en startte hij lessen in Middelburg, Wilhelminadorp, Kapelle en Goes. In 1986 behaalde hij na twee jaar trainen in Rotterdam bij o.a. Loek Hollander, Peter Voogt en Henny Ruberg de 1e dan zwarte band. In 1990 kwam hij in het Bestuur van de Nederlandse Karate Associatie. In 1992 werden de karatelessen ondergebracht in het sportcentrum High Five waar De Jong eigenaar van was. Hij behaalde achtereenvolgens de 2e dan in 1990, 3e dan in 1995, 4e dan in 1998, de 5e dan in 2000 en de 6e dan in 2003. Tevens werden het Internationaal Scheidsrechtersdiploma en diploma Karateleraar behaald. Shihan de Jong werd tevens secretaris van de International Kyokushin Budo Kai en was (en is) instructeur bij trainingskampen en seminairs in binnen-  en buitenland en voor special forces. Vanaf 2005 werden de lessen van Kyokushin Zeeland ondergebracht in de gymzaal aan de Thorbeckelaan en de Budozaal van het Omnium in Goes. Kyokushin Zeeland is momenteel een onafhankelijke vereniging die met alle Kyokushin bonden en karateverenigingen samenwerkt.
Mas Oyama

Karatevereniging Kyokushin Zeeland

Terug naar boven